Op vrijdag 9 oktober begon de herfstvakantie, maar de rector van de KSE nam afscheid, dus reden we rond half zes uit Etten-Leur weg. Na een heel erg druk Antwerpen ging het vlotjes richting Frankrijk.
Tijdens de eerste laadstop in Roye werd rond negen uur een hamburgertje van de naastgelegen Burger King genuttigd. De navigatie gaf aan dat Parijs rustig was, dus besloten we naar Dourdan door te rijden voor de overnachting. En dat ging inderdaad zonder enig oponthoud. Rond kwart voor twaalf checkten we in bij het hotel.
Zaterdag weer bijtijds op, naar de bakker op het pleintje voor het hotel voor croissants, koffie en lekkers. En dan op naar de lader in Vierzon, waar we onder een strakblauwe hemel genoten van een drankje en het lekkers van de bakker.
Onderweg nog even langs de supermarkt in Limoges, zodat we straks iets te eten hebben en voor morgen ontbijt in huis hebben. Om even voor vijf uur stapten we ons huisje weer in. Heerlijk om hier weer te zijn.
De volgende dag kwamen Robert, Anna en Todo met hun camper op bezoek, die professioneel op het grasveld naast ons huis werd geplaatst. Een gezellige avond volgde, waarna zij zich terugtrokken in de camper.
Maandag moesten ze weer op pad, zodat er niet al te lang niemand op kantoor aanwezig was. Al hadden we wel een back-upsituatie geregeld in geval van zeer ernstige calamiteiten. Gelukkig bleek die niet nodig.
Na het uitzwaaien trokken wij naar Bruniquel, een dorpje dat we gezien hadden bij We zijn er bijna. Het stelde niet teleur en doordat het rond de 22 graden was, waren ook allerlei restaurants gewoon open. En omdat we toch in de buurt waren, hebben we ook Penne en Saint-Antonin-Noble-Val bekeken.
Op dinsdag deden we niet veel: wat boodschappen en even bij de Maison du Monde door de kerstmeuk dwalen. Verder genoten we van het zonnetje, rommelden wat in de tuin en sloten de dag af met een steak op de barbecue. De avond bracht nog een verrassing: terwijl we Netflix keken, stond er ineens een grijs muisje naast ons. Ingeborg was eerder boven dan dat de muis verdwenen was. Erwin zag ’m in een klein gaatje verdwijnen en daar ging direct een beetje kit in.
De dag erop gingen we naar Gourdon en Sarlat-la-Canéda. Dat laatste dorp hadden we al vaak op de borden langs de snelweg zien staan en het zou volgens accounts die we op Instagram volgen een van de mooiste dorpjes van Frankrijk zijn. Nou, daar kwam het aardig bij in de buurt, al bedachten we wel dat je hier in het hoogseizoen niet wil zijn. We brachten ook nog een bezoek aan een winkel met truffelproducten, waar we niet zonder schade naar buiten gingen.
Donderdag reden we naar de Abbaye de Cadouin, een kleine variant van de abdij in Moissac, maar niet minder mooi. Daarna nog een stop voor een drankje in Bergerac. ’s Avonds keken we weer eens met open monden naar de vele duizenden sterren die je in Beauville ziet als het helder is en de maan ontbreekt.
Vrijdag weer eens boodschappen doen in Agen, maar dit keer bij een andere supermarkt. Robert had op kantoor aan de Vietnamese schoonmaakster verteld dat hij in Agen was geweest. En later bleek dat haar beide zussen daar ook wonen en een van hen een restaurantje heeft. Helaas was het tentje gesloten, maar we gaan er zeker nog een keertje eten.
Na het gras nog een keer maaien en opruimen vertrokken we zaterdag helaas weer richting het noorden. We overnachtten in een hotel in Saran (inderdaad, prima plek Agnes en Bauke). En op zondag kwamen we rond vijf uur weer in Rotterdam aan.

















